De documentaire 'Ik was het niet' gaat over de Noorse Laila Bertheussen. Zij werd in 2021 veroordeeld voor aanslagen en bedreigingen aan het adres van haar eigen man, een radicaal-rechtse minister, die ze in de schoenen van linkse theatermakers probeerde te schuiven. Stefanie de Brouwer portretteerde Bertheussen, die nu weer vrij is. ‘Ik werd heen en weer geslingerd tussen sympathie, afkeer, ontroering, geloof en ongeloof.’

‘Heeft u gedaan waar u van beschuldigd wordt?’

‘Nee, ik heb het niet gedaan. En ik ben die vraag zo zat.’

Het is het eerste wat we regisseur Stefanie de Brouwer aan het begin van haar documentaire Ik was het niet – Het verhaal van Laila B. horen vragen aan haar hoofdpersoon, Laila Bertheussen. En die lijkt vrij rustig te reageren. Maar ze was eigenlijk woedend, vertelt De Brouwer. ‘Dat zei ze later, dat ze daar heel boos om werd en daarom het gesprek eigenlijk had willen beëindigen. “Wil je dat nooit meer doen?” zei ze er toen over. Daar voelde ik wel een verholen dreigement in, in de zin dat ze zou kunnen stoppen met de film.’

Laila Bertheussen (1965) was de vrouw van de Noorse rechts-radicale minister van Justitie, Tor Mikkel Wara, toen het echtpaar in 2018 te maken kreeg met dreigbrieven, brandstichting en bekladding van hun huis en hun auto met hakenkruizen. De verbijstering was groot toen Bertheussen – die de linkse makers van een kritische voorstelling over onder meer Wara beschuldigde van het geweld – hiervoor gearresteerd werd. Zij werd uiteindelijk, in 2021, veroordeeld tot twintig maanden celstraf. Deze straf heeft ze uitgezeten en ze is inmiddels gescheiden van Wara, maar ze blijft ontkennen dat ze achter de acties zat.

‘Laila lijkt soms via een omweg toch een schuldbekentenis te doen, dat fascineert me’

Stefanie de Brouwer

Tijdens de rechtszaak praatte ze niet met de pers, maar ze communiceerde wel via tassen waarop ze teksten borduurde, zoals de titel van de film: ‘Ik was het niet’. Toen ze, eenmaal veroordeeld, ontdekte dat haar man vreemdging, begon ze ook tassen te maken met teksten die tegen hem gericht waren. Met bijvoorbeeld ‘Douchebag’ erop, en ‘Sorry dat ik je een klootzak noemde, ik dacht dat iedereen wel wist dat je er een bent. Eenmaal op vrije voeten, werd ze door de Noorse kunstenaar en filmmaker Morten Traavik gevraagd deze bijzondere tassen te exposeren.

In Ik was het niet zien we de opening van die tentoonstelling en we zien ook hoe Bertheussen verhuisdozen inpakt om het huis van haar ex-man te verlaten. Verder volgen we haar bij een bezoek aan het dorp in Noord-Noorwegen waar ze vandaan komt. Met een oude vriendin bezoekt ze haar voormalige school en het graf van haar jongere zusje.

Naast Bertheussen wordt alleen een van de door haar beschuldigde theatermakers in de film geïnterviewd – verder wilde helemaal niemand praten. De rest van de geschiedenis komt tot ons via beelden uit de rechtszaal, uit de politieverhoren en nieuwsuitzendingen. Dat maakt Ik was het niet vooral tot een intrigerend portret van Laila B’: een aangeslagen, frêle, mogelijk knettergekke, maar ook intens onverschrokken vrouw. De VPRO Gids interviewt regisseur Stefanie de Brouwer (1970) vlak voordat ze de documentaire voor het eerst zal laten zien aan de hoofdpersoon.

Wat een verhaal! Hoe ben je tot deze documentaire gekomen?

Stefanie de Brouwer: ‘Ik las een mooi artikel over deze zaak in De Groene Amsterdammer en ik was er meteen door geïntrigeerd. Niet zozeer door Laila, als wel door het idee dat radicaal-rechts altijd bezig is zichzelf als slachtoffer te presenteren. Ik dacht: hier valt dat masker mooi af, want deze slachtoffers hebben het zelf gedaan. Het duurde nog best een tijd voordat ik doorhad dat degene die die slachtofferrol aannam, Laila dus, totaal niet politiek gemotiveerd was. Verder had ik gedacht dat Tor Mikkel Wara en zijn partijgenoten wel hun verhaal wilden doen in mijn film, aangezien ze zich slachtoffer voelden van zowel dat tegen hen gerichte toneelstuk als van iemand die ze van binnenuit aanviel: Laila. Maar dat was mijn tweede misrekening: niemand wilde praten, alleen Laila zelf!’

‘Deze film heeft me heel wat grijze haren opgeleverd – normaal gesproken richt ik me op geopolitiek, niet op iemands privéleven’

Hoe komt dat, denk je? Waarom wilden de anderen niet meewerken?

‘Ik denk omdat Noorwegen nog een heel keurige welvaartstaat is én piepklein, met maar vijfenhalf miljoen mensen. Bijna iedereen woont in Oslo en iedereen kent elkaar in bepaalde kringen. Dus de kans is groot dat als jij dirt van mensen deelt, je diezelfde mensen vroeg of laat weer nodig hebt. Een boulevardpers is er ook niet echt, er worden geen privézaken gedeeld – al helemaal niet in de serieuze journalistiek. Maar ja, deze zaak is eigenlijk niet privé. De vrouw met wie Wara bijvoorbeeld vreemdging is een politicus van een andere partij. De politieke implicaties van dit verhaal zijn nooit onderzocht, dat vind ik echt bizar. Wat dat betreft is Noorwegen een heel rare samenleving. Ik hoop wel dat mijn documentaire er misschien toe leidt dat Noorse journalisten serieuzer in deze zaak gaan duiken. Ik ben verder niet thuis in de Noorse politiek, dus dat onderzoek is niet aan mij. Met Ik was het niet heb ik, omdat alleen Laila wilde praten, geen politieke film gemaakt, maar een portret van een complex persoon. Minder journalistiek dan ik van plan was, meer drama. En dat was uiteindelijk gelukkig juist interessanter en spannender om te maken.’

Wat boeit je zo aan Laila?

‘Ze is veroordeeld, maar ontkent alles. Tegelijkertijd lijkt ze in de documentaire soms via een omweg toch een schuldbekentenis te doen, dat fascineert me. Ik ben open naar haar toe gegaan, niet van: jij bent gestoord en ik veroordeel je bij voorbaat. Ik wil ook niet beweren dat ze het sowieso gedaan heeft – de kans is heel klein dat het iemand anders was, maar stél nou dat… Ik wil het niet helemaal uitsluiten. Kijk, zij is natuurlijk weggezet als gek, maar elk mens is hooguit twee stapjes verwijderd van gek. Daarom vind ik het zo belangrijk om iedereen met aandacht en respect te benaderen, en ik denk dat ze dat wel voelde. Ik mag Laila, ik vind haar ook ontroerend. De dingen waar ze voor veroordeeld is zijn natuurlijk helemaal niet oké en ik heb ook wel vaak gedacht: wanneer zou ze zich tegen mij keren? Maar dat gebeurde niet; grappig genoeg was ze eigenlijk heel aardig en belangstellend. We zijn een beetje van dezelfde leeftijd, en op het moment dat zij in conflict raakte met haar ex-partner, lag ik in scheiding. Dus we hebben ook veel gesprekken gehad over de liefde en het leven, we hebben zelfs samen datingapps bekeken! Ik heb ontzettend gelachen met haar. Ze is vilein, maar op een humoristische manier. Dat zie je ook terug in die tassen die ze maakt.’

Wat is er met haar gebeurd, denk je?

‘Veel. Ze had een moeilijke jeugd en is heel erg teleurgesteld geraakt in de liefde. Als jonge meid kon ze iedereen krijgen, maar ze koos Tor Mikkel: een politiek wonderkind, en op dat moment nog een arme sloeber. Toen hij minister werd namens de Vooruitgangspartij, begon ze hem kwijt te raken. Ze wilde denk ik niet zien hoe radicaal-rechts die partij is. Ze komt uit een rood nest, toen de theatermakers hun huis in de voorstelling lieten zien als “een racistisch huis” werd ze razend. Bovendien voelde ze zich aangetast in haar privacy, die heel belangrijk voor haar was door haar verleden. Als jonge vrouw uit een arm dorp is ze namelijk al een keer eerder in de gevangenis beland: voor diefstal en fraude, en daar schaamde ze zich diep voor – ze had dat zelfs aan haar eigen man en kinderen nooit verteld. De scènes in haar geboortedorp zijn mijn lievelingsscènes uit de film. Dat ze zomaar zegt: “Ik had eigenlijk ingenieur willen worden, maar ik werd crimineel.” Die provocatieve kant van haar intrigeert zo.’

Wat hoop je dat je documentaire voor effect heeft?

‘Ik hoop dat kijkers, net als ikzelf, geraakt worden door de enorme veerkracht van Laila. Uitgekotst door iedereen – misschien ook wel terecht – maar dan toch opkrabbelen, en hoe! Ondanks alles vind ik dat inspirerend. Ik werd tijdens het maken heen en weer geslingerd tussen sympathie, afkeer, ontroering, geloof, ongeloof… Dat ging de hele tijd maar door en ik hoop dat er ook zoiets met de kijker gebeurt. Dat je het ene moment denkt: jezus, wat een bijzonder iemand. En dan weer: hier wil ik niks mee te maken hebben. Deze film heeft me heel wat grijze haren opgeleverd – normaal gesproken richt ik me op geopolitieke onderwerpen, niet op iemands privéleven. Bovendien was ik niet alleen bezig met Laila’s privéleven, maar ook met dat van haar ex-man en haar kinderen. Hoe doe je dat? Hoe vertel je zo’n enorm persoonlijk verhaal zonder iemand te schaden? Maar die uitdaging vond ik ook juist leuk. Als je altijd maar in je comfortzone blijft, maak je niks.’

Ik was het niet – Het verhaal van Laila B.

zondag 18 januari

npo 2 22.40-23.40

de nieuwste documentairetips in je mailbox?