wil jij een verhaal dat verder gaat?

help ons vooruit!

Cadeautje!

Je leest dit artikel gratis. Wil je meer van de VPRO Gids? Neem een abonnement. Nu 12 weken voor slechts 10 euro. Ik wil meer lezen →

Onmisbaar aan tafel

Hugo Hoes

VPRO Tegenlicht bracht acht werknemers uit vitale sectoren samen tijdens de allereerste Top der Onmisbaren. Daar bedachten ze wat de Nederlandse samenleving moet doen om een tweede coronagolf goed door te komen. ‘Jan is weg en zijn wapen ligt nog in de kluis!’

De deelnemers overleggen en onderhandelen tijdens de Top der Onmisbaren

Van zichtbare veiligheidsmaatregelen is niets te merken als ik vrijdag 14 augustus, hittegolfdag nummer acht, aankom bij stadspaleis OldRuitenborgh in het Overijsselse Vollenhove. Op deze statige locatie vindt de allereerste Top der Onmisbaren plaats. Acht vertegenwoordigers uit vitale sectoren zoals onderwijs, zorg, politie en landbouw zijn daar door Tegenlicht voor uitgenodigd. Evenals de VPRO Gids. Uw favoriete omroepbode is het enige gedrukte medium met een accreditatie voor deze bijzondere bijeenkomst. Aan die exclusieve uitnodiging is wel een voorwaarde verbonden, de verslaggever wordt ook griffier van dienst. Dat kan nooit veel werk zijn, dacht ik.
Die onmisbaren zijn geen ministers of managers, maar werknemers uit de praktijk die de afgelopen maanden in de voorste linies van het coronafront stonden. Zij gaan samen nadenken, overleggen en bepalen wat Nederland moet doen om als samenleving een tweede coronagolf goed door te komen. Daar hangt natuurlijk een prijskaartje aan dus is er een gelimiteerd budget. Vijftig miljard euro mag de top besteden, 6,25 miljard per persoon. Fictief geld, meldt het programma.
Die toppers komen uit het hele land. In de loop van de dag zijn ze door een auto met chauffeur een voor een afgezet bij de hoofdingang. Daar worden ze met alle egards ontvangen, zwaaien ze even naar de pers (ondergetekende) waarna ze in Oger-pak naar binnen schrijden.
Maar niet heus.
Dies van den Bosch kwam met het openbaar vervoer vanuit Rosmalen. Hij werkt in de recycling op de afdeling elektronica en is een uurtje of drie onderweg geweest. Hij draagt werkkleding al is het niet zijn originele outfit. Van den Bosch: ‘Dat vond mijn baas niet goed. Op elektronica word je zo smerig, dat wil je niet weten of zien. Hij heeft me dus een ander pak gegeven.’ De Brabander heeft nog wat van zijn werkgever gekregen: een vrije dag om bij de top aanwezig te kunnen zijn.

Meisjesnaam

‘Dit is misschien niet het beeld dat je direct met de zorg associeert,’ zegt ambulant verpleegkundige Theo Bakker wanneer hij de tuin in wandelt. Dat is nogal zacht uitgedrukt. Want zijn witte outfit detoneert nogal met het biertje in zijn ene, en het sigaartje in zijn andere hand. Maar het biertje is hoogstwaarschijnlijk alcoholvrij. Vóór het avondeten wordt er namelijk het hele weekend geen alcohol geschonken. Dit is niet Oh Oh Cherso.
Bakker komt uit Harderwijk en zijn gezicht komt mij bekend voor. ‘Ik zat ook twee keer in de tv-serie Frontberichten, misschien heb je dat gezien?’ Inderdaad. Zijn aankomst per e-bike is ook vastgelegd. Die fiets blijkt niet van hem, maar van het hotel. Leuk voor het plaatje. Televisie heeft haar eigen taal.
Alle onmisbaren arriveren op verschillende tijden zodat ze afzonderlijk gefilmd kunnen worden. Het gevolg is wel dat het voor de vroegste gasten, onder wie militair Mostafa Hilali en agent Jan van Heijningen, een lange dag wachten wordt. Boer Erik Luiten is een van de laatste genodigden. Hij heeft een melkveehouderij met 150 koeien en is de vijfde generatie boer in zijn familie. Die lijn loopt door, want zijn zoon wil het bedrijf overnemen. Ik durf het bijna niet – omdat het misschien dom overkomt –, maar toch hoor ik mezelf vragen of hij al die koeien uit elkaar kan houden. ‘Het zijn er tegenwoordig wat veel en omdat ik ook andere activiteiten heb lukt dat niet meer.’ De vraag was dus niet zo dom. Dat kalfjes allemaal een meisjesnaam krijgen die begint met dezelfde voorletter als de naam van hun moeder is in ruraal Nederland waarschijnlijk basiskennis, voor mij is het nieuw. Die letterregel is soms lastig. ‘Neem de i. Na Irma, Irene en Iris wordt het best lastig.’
Leila Azzam: ‘Ik bel iedereen en ik geef nooit op. Of ik tag ze op Facebook. Allemaal. De wethouder. Alle raadsleden. Tot er iets gebeurt.’
Tegen achten is er van honger geen sprake, wel van trek. Helaas missen we nog iemand en dreigt deze G8 een G7 te worden. Leila Azzam is er niet. De Amsterdamse strijdt in Zuidoost tegen acute armoede en had er al moeten zijn. Uiteindelijk blijkt ze toch nog gearriveerd. Waar zat ze? ‘Ik wist het niet schat. Aan het einde van de middag werd ik gebeld waar ik bleef en toen ben ik halsoverkop hierheen gereden,’ zegt Azzam. ‘De mail met de uitnodiging zat tussen de spam, schat.’
Zelf is Azzam niet altijd even schattig als ze raadsleden of bestuurders in beweging moet krijgen voor noodhulp. ‘Ik bel iedereen en ik geef nooit op. Of ik tag ze op Facebook. Allemaal. De wethouder. Alle raadsleden. Tot er iets gebeurt.’ Met haar moet ik geen problemen krijgen, denk ik. ‘Met haar wil je geen problemen,’ zegt docent maatschappijleer Lucelle Deneer, die ook aan tafel zit en blijkbaar gedachten kan lezen. ‘Met mij wil je geen problemen, schat,’ bevestigt Azzam.

Schuilkelder

Als ik hotelmanager Pieterjan Bresser vraag naar de beveiliging van de top neemt hij me mee naar buiten en wijst naar het dak. ‘Kijk, zie je die dingen? Als jij hier het terrein op komt krijg ik meteen een sms plus een haarscherpe foto van jou.’ Gelukkig heb ik een accreditatie. Daarna vertelt hij over de kostbare ambtelijke problemen die het onderhoud van zijn monumentale pand met zich meebrengt. Dat gaat van de sloop van een nieuw e-bikestalling tot het verbod op een extra handwaskraantje voor het personeel. De lijst is eindeloos en een top op zich waard. Ook verklapt hij een geheim. ‘In de jaren zeventig is hieronder een schuilkelder aangelegd.’ Die is niet groot, maar mocht een plan B nodig zijn dan kan de top verplaatst worden. Terwijl de onmisbaren uitgebreid dineren is er voor de crew van Tegenlicht en de pers een bord pasta. En zo hoort het.
Op zaterdagochtend is er werk aan de winkel. De toponderhandelingen gaan beginnen. Een lokale timmerman heeft een enorme ronde tafel gemaakt met een draaibaar middenstuk. De vorm van de tafel behoeft geen uitleg en de omvang heeft natuurlijk met de anderhalvemeterrichtlijnen te maken. Een cynicus zou zich afvragen of het wel verstandig is om in coronatijd een weekend lang met onmisbaren bijeen te komen, maar de griffier moet neutraal zijn. En het liefst onzichtbaar, dus moet ik een plek buiten de vergaderruimte zoeken. Gelukkig is het droog.
Eva Rovers: ‘Blijkbaar vertrouwen politici burgers niet. Jammer. Een burgerberaad maakt van boze burgers betrokken burgers.’
Met een ontvangertje en een hoofdtelefoon neem ik mijn plek in. De film Das Leben der Anderen – waarin een Stasi-agent in de voormalige DDR mensen afluistert– schiet door mijn hoofd. Ik hoor stemmen. Acht verschillende, maar er is geen beeld. Omdat ik iedereen voor de start van de meeting al gehoord heb zijn ze goed van elkaar te onderscheiden. Bovendien, het gaat er niet om wie wat zegt, maar wat er wordt gezegd. En de kern belandt in beknopte vorm in een adviesrapport voor Mark Rutte. 

Burgerberaad

Als griffier/verslaggever met geheimhoudingsplicht kan ik over de inhoud van de onderhandelingen niets naar buiten brengen voordat het advies bij Rutte ligt. Wel kan ik een tipje van de sluier oplichten over de methodiek. Die is als volgt. Elke deelnemer heeft vooraf enkele speerpunten voorbereid die volgens hem of haar extra aandacht verdienen. Die licht hij of zij toe om daarna de rest van het gremium van het belang te overtuigen. Vervolgens zet diegene een bepaald (fictief!) bedrag – er zijn bierviltjes van vijf miljoen tot een miljard euro – op een ministerie in de hoop dat anderen ook deel van hun budget aan de ‘beleidsmaatregel’ willen besteden. Daarna wordt gestemd. De recente Haagse trend om vóór stemmingen de zaal te verlaten, om daarmee het benodigde quorum te ondermijnen, vindt hier geen navolging. Zo gaat het uren door, totdat iedereen aan de beurt is geweest. De discussie is serieus en inhoudelijk. Emoties lopen alleen hoog op als over de aanpak van racisme gesproken wordt. In tegenstelling tot de broze buitenwereld is hier van polarisatie geen sprake, integendeel.

Griffier H. Hoes

Dat verbaast biograaf/kunsthistoricus Eva Rovers niet. Hoewel pottenkijkers ongewenst zijn bij de beraadslagingen is voor haar een uitzondering gemaakt. Rovers heeft veel gepubliceerd over burgerberaad en is gevraagd om haar licht te laten schijnen over deze vorm van participatie. In onder meer Ierland en Frankrijk heeft men ervaring met deze zogeheten Derde Kamer die bevolkt wordt door ingelote burgers. Rovers: ‘Vooral onderwerpen die leiden tot polarisatie in de maatschappij zijn hier geschikt voor. Burgers hoeven geen rekening te houden met de media, het standpunt van hun fractie of herverkiezing.’ Daarom zijn ze meer gericht op samenwerking. Over het antwoord op de vraag waarom gidsland Nederland niet verder is op dit gebied hoeft Rovers niet lang na te denken. ‘Blijkbaar vertrouwen politici burgers niet. Jammer. Een burgerberaad maakt van boze burgers betrokken burgers.’
Tegen zessen is negentig procent van het budget verdeeld en zit de eerste dag erop. Alleen de griffier moet nablijven om zijn aantekeningen samen te vatten.

‘Leuk is anders’

Dag 2 begint met paniek. Jan is weg! De Amsterdamse agent is niet op tijd aan het ontbijt verschenen en dat leidt tot grote onrust. Hotelmanager Bresser heeft hem ook niet op zijn kamer aangetroffen en samen met de producent checkt hij alle vertrekken. ‘Hij is weg en zijn wapen ligt nog in de kluis,’ roept iemand. Mijn verslaggevershart maakt een sprong.
Ik verlaat mijn griffiepost en been naar de ontbijtzaal. Daar staat Jan zich doodgemoedereerd te verbazen over alle voorbije onrust die hij onbewust gecreëerd had. ‘Ik was gewoon mijn tanden aan het poetsen, voor het raam zelfs, maar men heeft in de verkeerde kamer gekeken. Bovendien weten ze dat ik alleen een cappuccino neem als ontbijt.’ Ik kan mijn teleurstelling nauwelijks verbergen.
Joop Hofman: ‘Iedereen is gedisciplineerd, niemand pleegt obstructie, men smeedt coalities om dingen voor elkaar te krijgen en er wordt goed geluisterd’
Voordat om 10.00 uur de tweede overlegronde start is er nog een dingetje. Want bijna alle toppers hebben schone kleren aangetrokken voor de slotdag. Dat ziet er weliswaar fris uit, maar is niet de bedoeling omdat het de mogelijkheden in de montage nogal beperkt. Dus moeten de kleren van zaterdag weer uit de koffer.
Opbouwwerker Joop Hofman is naast Rovers de enige andere pottenkijker. Hij heeft Tegenlicht geadviseerd over de top en heeft veel ervaring met het organiseren van vergelijkbare bijeenkomsten. Hij is enthousiast over hetgeen hij ziet. ‘Iedereen is erg gedisciplineerd, niemand pleegt obstructie en je ziet dat men coalities smeedt om dingen voor elkaar te krijgen. En er wordt heel goed geluisterd.’ Volgens Hofman is dat best bijzonder, gezien de korte voorbereidingstijd. ‘In Antwerpen is een burgerberaad gehouden na 48 keer oefenen.’
Om 12.30 uur eindigen de onderhandelingen en heb ik vijf kwartier om alles op een rijtje te zetten in een concept-adviesrapport. Dat lukt net, waarna de Tegenlicht-producent zorgt dat het vermenigvuldigd en verspreid wordt. Gek genoeg is de titel ‘Leuk is anders’ verdwenen uit de versie die de onmisbaren ontvangen. Die krijgen een kwartier leestijd waarna ze hun handtekeningen onder het adviesrapport zetten.

Nu alleen nog even omkleden, zodat men in vol ornaat op de bordesfoto kan. Althans, dat was de bedoeling maar er is geen bordes, wel een fraai gazon. Wanneer de fotograaf iedereen daar coronaveilig heeft gepositioneerd, bemoeit militair Hilali zich met de opstelling. ‘Volgens mij moet niet ík vooraan staan, maar de zorg. Zij stonden in de frontlinie.’ Goed punt, dus schuiven ambulant zorgverlener Bakker en IC-verpleegkundige Kim Marquardt door naar voren. De fotograaf doet zijn werk en dan zit de top erop. Aan Leila Azzam vraag ik of het weekend geworden is wat ze verwacht had. ‘Ik had helemaal niets verwacht schat, maar het was hartstikke leuk.’

Kijk en praat online mee tijdens de Meet Up-livecast ‘Top der Onmisbaren’ van VPRO Tegenlicht via dezwijger.nl/live, woensdag 16 september, 20.30 uur. Meer informatie via dezwijger.nl/programma/top-der-onmisbaren-2020.

VPRO Tegenlicht
NPO 2, zondag 22.10-23.00 uur

Portretten

Om nog eens te benadrukken hoe belangrijk de beroepsgroepen zijn die deelnemen aan de Top der Onmisbaren, vroeg de VPRO Gids fotograaf Merlijn Doomernik de deelnemers te portretteren. 

Kim Marquardt

IC-verpleegkundige

Een paar maanden geleden kreeg Kim (1984) nog applaus omdat zij overuren maakte op een intensivecareafdeling met coronapatiënten. Nu is het zaak dit applaus om te zetten in structureel betere werkomstandigheden. Is een zorgverzekeringssysteem zonder winstoogmerk wellicht de oplossing?

Theo Bakker

Ambulant verpleegkundige

De afgelopen maanden draaide Theo (1956) uit Harderwijk veel nachtdiensten in door corona zwaar getroffen verzorgingshuizen in de brandhaarden Heerde, Nunspeet en Wapenveld. In de frontlinie van de crisis moest hij te werk gaan met beperkte beschermingsmiddelen en een minimale bezetting aan personeel.

Dies van den Bosch

Vuilnismedewerker

Volgens Dies (1988) uit Rosmalen is het grootste probleem in Nederland dat geld en waardering de werkvloer niet bereiken: onnodige managementlagen zorgen ervoor dat overheidssteun niet terecht komt bij de mensen die het echte werk doen. Dies houdt van argumenteren.

Lucelle Comvalius

Docent maatschappijleer

Tijdens de coronacrisis zette Lucelle (1973) uit Harderwijk samen met haar collega’s alles op alles om het onderwijs online voort te kunnen zetten. Ze geeft les op een brede scholengemeenschap in Ermelo en krijgt veel mee van wat er in de samenleving speelt. Zij strijdt onder meer voor gelijke toegang tot onderwijs.

Leila Azzam

Voorzitter Stichting Carabic

Met Stichting Carabic biedt Leila (1968) steun aan kwetsbare bewoners in het Amsterdamse stadsdeel Zuidoost. Ze zag de afgelopen periode dat sommige groepen extra hard werden getroffen door de coronacrisis. Dagelijks kwamen er tientallen meldingen binnen van families die geen eten meer hadden.

Jan van Heijningen

Politieagent

Als politieagent in Amsterdam staat Jan (1991) midden in de samenleving. Hij zag zijn takenpakket de afgelopen jaren voortdurend groeien, terwijl er ook steeds meer bezuinigingen werden doorgevoerd. Volgens Jan ligt er nu een kans om te investeren in het toekomstbestendig maken van de politie.

Mostafa Hilali

Militair

Voor Mostafa (1973) is de coronacrisis een wake-upcall: er moet niet bezuinigd worden op defensie. Dankzij de oefenmissies die zij in het buitenland hadden uitgevoerd waren defensiemedewerkers in staat bij te springen toen de eerste coronagolf op haar hoogtepunt was. Welke rol ziet hij in het postcoronatijdperk voor defensie?

Erik Luiten

Melkveehouder

Tijdens de coronacrisis kreeg Erik (1970) uit Aalten veel waardering voor zijn werk, maar daar kan hij niet van leven. Voedselproducenten zagen de druk op hun inkomsten toenemen, terwijl supermarkten topwinsten maakten. Erik pleit voor minder knellende regelgeving en een beter verdienmodel voor de boeren.

Cadeautje!

Je leest dit artikel gratis. Wil je meer van de VPRO Gids? Neem een abonnement. Nu 12 weken voor slechts 10 euro. Ik wil meer lezen →

terug naar de gids