Iedere week tipt de redactie van VPRO Cinema de beste en interessantste films op Netflix. Met ditmaal onder andere een hard en somber drama en een hilarische Japanse animatiefilm.

All Day and a Night

‘Als je overal om je heen geweld ziet, raak je eraan gewend.’ De voice-over van dit harde, sombere gettodrama, waarin een jonge Afro-Amerikaan vanuit de bajes terugblikt op zijn jeugd, bevat nogal wat open deuren. En wie weleens een gangstarapnummer heeft gehoord, zal de plotelementen (afwezige vader, dubieuze vrienden, drugs, bendegeweld) precies kunnen voorspellen. Toch is dat zeker geen reden om All Day and a Night af te schrijven; regisseur en scenarist Cole (die meeschreef aan het script van Marvelfilm Black Panther) voert een uitstekende cast op, filmt met smaak en bravoure, en doet niet aan valse romantiek.

Black Mass

Een kaalgeschoren en van rotte tanden voorziene Johnny Depp speelt zijn beste rol in jaren in dit waargebeurde verhaal rondom James 'Whitey' Bulger, die in de jaren zeventig en tachtig de Winter Hill-bende in Boston leidde en een schimmige alliantie aanging met FBI-agent John Connolly. Regisseur Cooper vertelt Bulgers verhaal kundig, met prima beelden en een lekker tempo, maar gaat nergens echt de diepte in en bewandelt enkel de gebaande paden. Dat levert een gangsterdrama op dat makkelijk wegkijkt maar weinig opzien baart.

The Front Runner

In 1987 was Democraat Gary Hart hard op weg om de nieuwe president van de VS te worden. Hij lag ruim aan kop bij de voorverkiezingen, toen er geruchten opdoken dat de getrouwde Hart een affaire had. In dit bedachtzame (soms iets te bedachtzame) politieke drama plaatst regisseur Jason Reitman (Juno, Up in the Air) de kijker in Harts campagnekantoor en op de krantenredacties, en laat ons zo getuige zijn van dit kantelpunt in de Amerikaanse geschiedenis. Het moment waarop campagnes persoonlijk werden en tegenstanders op privékwesties werden afgerekend.

Lees ook ons interview met Jason Reitman: 'De waarheid is heel verwarrend geworden'

The Natural

De geschiedenis van de (fictieve) honkbalkampioen Roy Hobbs (Robert Redford): van de dood van zijn vader in 1918, toen hij veertien was, via zijn gloriejaren en het abrupte einde van zijn carrière, tot de nieuwe triomfen vijftien jaar nadien. De scriptschrijvers bewerkten de debuutroman van Bernard Malamud tot een tamelijk conventionele sportfilm maar behielden gelukkig intrigerende elementen, zoals de magische wonderknuppel van Hobbs, en de moeizame verhoudingen met een drietal vrouwen. Redford is een overtuigende hoofdrolspeler, Glenn Close is op dreef als oude vlam. Het boek was beter, maar de film kent grandioze momenten.

Pom Poko

Volgens de Japanse folklore zijn wasbeerhonden (tanuki) ondeugende wezens die in staat zijn om van gedaante te wisselen. Zo kunnen ze in levenloze objecten veranderen, of zich voordoen als mensen. In deze wonderlijke, hilarische en vooral ook boze animatiefilm van Studio Ghibli-oprichter Isao Takahata (The Tale of the Princess Kaguya) vechten de dieren voor de bescherming van hun leefgebied, dat bedreigd wordt door grootschalige bouwprojecten. Zo plegen ze onder meer aanslagen op bouwvakkers — met behulp van hun magische scrotums — en proberen ze omwonenden angst aan te jagen door zich voor te doen als geesten.