Vlak voordat de jury in Cannes hun favorieten overladen met prijzen, waaronder de Gouden Palm, zet Gerhard Busch zijn favorieten op een rij en kijkt hij terug op een bijzonder festival.

De 74ste editie van het filmfestival van Cannes zal sowieso de boeken ingaan als een historisch festival. Het zal namelijk altijd de editie zijn die voor de poorten van corona werd weggesleept. Het kon niet - een nieuwe, nog besmettelijker variant had zich net aangediend - en toch ging het door. Met live vertoningen, sterren op de rode loper en interviews met de grootste namen uit de auteurscinema. Het was bijna een gewoon festival.

Bijna, want we moesten ons op deze editie ook elke twee dagen laten testen, films kijken met mondkapjes op, en nieuwe manieren vinden om oude bekenden te begroeten (huggen, handen schudden of twee kussen op de wang kon niet meer en moest worden vervangen door een ongemakkelijke boks of elleboog).

Maar het festival ging door, dus laten we daarom snel kijken naar waar het in Cannes echt om draait: de films. Ik heb lang niet alle films gezien - daarvoor had ik hier drie keer zo lang moeten zitten - maar alles bij elkaar toch een goede twintig. Waarvan ik bijna de helft goed tot zeer goed vond. Wat zonder meer een fraaie score is. 

Hieronder volgen - in volstrekt willekeurige volgorde - mijn favorieten van Cannes 2021. Waarvan de meeste later in het jaar in de Nederlandse bioscopen te zien zullen zijn.

Annette (Leos Carax)

De openingsfilm van het festival en een prima keuze. Van Cannes-darling Leos ‘Holy Motors’ Carax en met Adam Driver en Marion Cotillard in de hoofdrollen. Zij spelen een stand up-komiek en een operazangeres die verliefd worden en samen een dochter krijgen, de Annette uit de titel. Annette is alleen geen kind van vlees en bloed, maar een pop. Waarmee de regisseur maar wil aangeven dat haar ouders misschien wel van Annette houden, maar dat hun carrières altijd voor zullen gaan. Intrigerend, zelfkritisch (Carax droeg de film op aan zijn eigen dochter) en o ja, een film waarin alleen maar wordt gezongen.

vanaf 25 november in de bioscoop

Benedetta (Paul Verhoeven)

Paul Verhoeven, Jezus en lesbische nonnen. Wat kan er dan nog misgaan? Weinig, en Benedetta was ook zeker een fijne film. Over macht, religieuze visioenen en de pest die door Europa raast (let wel: de film werd opgenomen vóór corona). Maar Benedetta werd niet het schandaal waar wellicht Verhoeven én het festival op gehoopt hadden. Afgezien van een tot dildo bewerkt mariabeeldje, bleek Benedetta namelijk een tamelijk nette film. Eerder spannend dan opwindend. Vol vileine dialogen en met sterke bijrollen van onder meer Charlotte Rampling en Lambert Wilson. 

vanaf 14 oktober in de bioscoop

The French Dispatch (Wes Anderson)

Het begint wel heel druk te worden in het wonderlijke universum van de Amerikaanse filmmaker Wes Anderson (Fantastic Mr. Fox, The Grand Budapest Hotel). Want in plaats van een film heeft ie er wel vijf gemaakt. The French Dispatch is namelijk een handvol losse verhalen, die handig aan elkaar zijn gebreid als artikelen die zijn verschenen in The French Dispatch, een blad als The New Yorker, maar dan uit Kansas. Prachtig vormgegeven, quirky in het kwadraat, en vol briljante ideeën zoals in elke Wes Anderson film. Maar ook zo volgepropt dat je steeds naar adem hapt en hem absoluut een tweede keer moet/wil zien.

vanaf 21 oktober in de bioscoop

Red Rocket (Sean Baker)

Niet zo goed als ik had gehoopt, het is immers Sean Bakers eerste film na het fenomenale The Florida Project, maar toch een film die erg bleef hangen. Over oud pornoster Mikey Saber, die ondanks een roemrijke carrière (als we hem moeten geloven tenminste) aan lager wal is geraakt en aanklopt bij zijn ex Lexi, die met haar moeder ergens tussen de olieraffinaderijen in Texas woont. Zijn ex is er zo niet nog erger aan toe dan Mikey, want heeft al helemaal opgegeven. Wat Mikey’s verwoede en wanhopige pogingen alleen nog maar tragischer maakt.

The Worst Person in the World (Joachim Trier)

Na twee wat minder geslaagde Engelstalige experimenten keerde de Noorse regisseur Joachim Trier terug naar Oslo voor deel drie van zijn Oslo-trilogie. Na Reprise (2005) en Oslo, August 31st (2011) volgt nu The Worst Person in the World. Over millennial Julie, die alles mee lijkt te hebben, en toch - zoals wel vaker in de films van Trier - maar niet gelukkig wordt. Niet van haar werk, en ook niet in de liefde. Waardoor ze zich de slechtste persoon op aarde voelt. Een streepje luchtiger dan zijn vorige films, maar nog even dromerig en melancholiek. En met een betoverende scène, waarin de wereld letterlijk even stilstaat voor Julie en haar nieuwe liefde Eivind. Top 3 in Cannes voor mij. 

The Innocents (Eskil Vogt)

Nog meer Noors geweld: The Innocents. Geschreven en geregisseerd door Eskil Vogt, die ook al meeschreef aan het scenario voor The Worst Person in the World. De onschuldigen uit de titel zijn een viertal kinderen (van zeven tot elf jaar oud), die allesbehalve onschuldig zijn. Kattenliefhebbers kunnen deze film maar beter mijden, want de vier hebben nog weinig moreel besef en beschikken bovendien over bovennatuurlijke krachten. Wat een levensgevaarlijke combinatie is. Veel te ingehouden voor horror, maar tegelijkertijd wel eng. Ook Top 3!

Titane (Julia Ducournau)

Vijf jaar geleden viel Julia Ducournau op met haar debuutfilm Raw, een volstrekt eigenzinnige en indrukwekkende film vol body horror, bloed en kannibalisme. Opvolger Titane doet er nog een schepje bovenop. We volgen de androgyne Alexia, die sinds een auto-ongeluk een stuk titanium in haar hoofd heeft zitten. Na een woeste ontmoeting met een auto raakt ze zwanger en ondertussen blijkt ze ook nog een seriemoordenaar, die op de vlucht voor de politie verandert in een jongen. En dan begint het verhaal pas! Over the top, soms zelfs losgeslagen, maar nooit saai of ongeloofwaardig (binnen dat universum) en volgens de maakster een ‘love story’. Voor de filmkenners: Cronenberg meets Tsukamoto. Met een heleboel Ducournau!

vanaf 26 augustus in de bioscoop

Les Olympiades (Jacques Audiard)

Meestal werkt de Franse regisseur Jacques Audiard (Un prophète, De rouille et d’os) met scenarioschrijver Thomas Bidegain, maar deze keer koos hij voor Céline Sciamma (Portrait de la jeune fille en feu) en Léa Mysius (Ava). Zodat Les Olympiades geen stoere-mannen-film geworden is, maar een inclusief relatiedrama vol liefde en lust. Nogal onverwacht, maar wel fraai en met veel vaart geschoten (in zwart-wit). Een soepel verteld verhaal over aantrekken en afstoten, vol nieuwe gezichten, en met - zeker voor Audiard - verrassend veel seksscènes.

A Hero (Asghar Farhadi)

Weer een prachtig grotestadsdrama vol morele dilemma’s van de Iraanse regisseur Asghar Farhadi, de maker van Oscarwinnaars A Seperation en The Salesman. Rahim zit in de gevangenis omdat hij een schuld niet kon aflossen aan de broer van zijn ex. Wanneer zijn nieuwe vriendin een tas vol gouden munten vindt lijkt er een uitweg gevonden, maar niets gaat vanzelf in de films van Farhadi. De titel is uiteraard ironisch, want Rahim is zeker geen held, net zomin als zijn schuldeiser een schurk is. Farhadi wil vooral laten zien hoe ook goedbedoelende mensen er een enorme puinhoop van kunnen maken. In mijn top 3, en vooruit: op nummer 1.