VPRO Gids 50

12 december t/m 18 december
Pagina 18 - ‘Undercover in een slavenstaat’
18

Cadeautje!

Je leest dit artikel gratis. Wil je meer van de VPRO Gids? Neem een abonnement. Nu 12 weken voor slechts 10 euro. Ik wil meer lezen →

Undercover in een slavenstaat

Cecile Elffers

In het verbijsterende documentairetweeluik The Mole zien we hoe twee Denen undercover gaan in Noord-Korea om illegale wapenhandel te onderzoeken. Regisseur Mads Brügger werkte er maar liefst tien jaar aan. ‘Noord-Korea blijft een raadsel verstopt in een mysterie.’

Hun onderzoek naar Noord-Koreaanse wapenhandel voerde Jim Latrache-Qvortrup (l) en Ulrich Larsen ook naar Oeganda

Bizar, dat zijn de documentaires van de Deen Mads Brügger (1972) eigenlijk altijd wel. En onthullend ook, al waren de bevindingen in zijn laatste film Cold Case Hammarskjöld (2017) – over de moord op de Zweedse vn-baas Dag Hammarskjöld in 1961 – niet geheel onomstreden. Net zo min als zijn vormkeuzes dat zijn: Brügger paart serieuze onderzoeksjournalistiek graag aan een absurde, zelfs kolderieke stijl en deinst niet terug voor fictie-elementen. In Cold Case Hammarskjöld was Brügger bijvoorbeeld verkleed als een klassieke Europese koloniaal, compleet met tropenhelm.

Dit soort acties maakt dat kijkers weleens twijfelen aan het waarheidsgehalte of de serieuze intenties van zijn films. Terwijl Brügger als onderzoeksjournalist juist gedegen te werk gaat. Maar hoe jammer hij het ook vindt dat zijn stijl soms verkeerd valt: hij kan niet anders, zo legt hij via Skype uit tijdens een interview met de VPRO Gids. ‘Ik vind comic relief onmisbaar in een documentaire – zeker als je een lang en complex verhaal vertelt, en al helemaal wanneer je film handelt over zaken die heftig en tragisch zijn. Juist dan moet je je publiek wat ruimte gunnen om ook te kunnen lachen.’

We spreken elkaar naar aanleiding van The Mole. Een nieuw documentairetweeluik dat, ook voor wie bekend is met Mads Brüggers oeuvre, behoorlijk bizar is. De oorsprong van de film ligt bij The Red Chapel: Brüggers documentaire uit 2009, waarin hij met twee Deense, uit Zuid-Korea geadopteerde komieken naar Noord-Korea reist en het dictatoriale regime ter plaatse op onnavolgbare wijze op de proef stelt. Vanwege deze provocerende film zal Brügger de communistische dictatuur Noord-Korea nooit meer kunnen betreden, terwijl zijn interesse in het land alleen maar is toegenomen. ‘Ik ben een echte Noord-Korea-nerd geworden,’ aldus de regisseur.

Mads Brügger

Mr. James

Maar voor The Mole ging hij niet zelf naar Noord-Korea: dat deed Ulrich Larsen voor hem, een voormalig kok die vanwege gezondheidsproblemen niet meer werkt. Hij wendde zich elf jaar geleden tot Brügger en bood zich aan als mol: in Brüggers plaats wilde hij undercover gaan bij een Deens clubje van Noord-Korea-fans (ja, die bestaan).

Brügger zegde toe, maar verwachtte er weinig van. De mol volhardde echter in zijn missie, en hoe. Larsen promoveerde tot de internationale Korean Friendship Association (KFA). Daar kreeg hij via de louche Spaanse KFA-president Alejandro Cao de Benós de opdracht om investeerders te zoeken die zaken wilden doen met het Noord-Koreaanse regime, dat vanwege de internationale VN-sancties bij niemand terechtkan.

Enter ‘Mr. James’: een nepzakenman, gecast door Mads Brügger. Hij vond de kleurrijke Deense ex-drugscrimineel Jim Latrache-Qvortrup bereid om deze rol te spelen, en die doet dat met verve: Mr. James krijgt de duisterste wapendeals aangeboden van Noord-Koreaanse overheidsofficials, die voorstellen een geheime ondergrondse wapenfabriek te bouwen op een nog aan te schaffen eiland in Oeganda – had ik al gezegd dat The Mole een bizarre documentaire is?

Wat betreft de James Bond-achtige avonturen van de mol en Mr. James is de film dat ook zeker, maar The Mole is bloedserieus wat betreft de zorgvuldig voorbereide, jarenlange undercovermissie en de behaalde resultaten. Niet alleen de recensies van The Mole waren lovend, ook de VN is inmiddels een onderzoek gestart naar illegale wapenhandel door Noord-Korea. En oud-spionnen in Scandinavië en de VS hebben hun bewondering uitgesproken voor het speurwerk in The Mole. Tot genoegen van Mads Brügger, die na jarenlang zwijgen eindelijk mag uitkomen voor de intense en langdurige undercoveroperatie.

Hoe is dat, om na ruim tien jaar klaar te zijn met The Mole en erover te kunnen praten?

Brügger: ‘Dat is een grote opluchting. Ook omdat ik op het eind geen gezond perspectief meer had op het filmmateriaal: ik zat naar geheime opnames te kijken van Noord-Koreaanse wapenhandelaren, maar het voelde bijna triviaal voor me, als just another day in the office. Natuurlijk besefte ik rationeel gezien wel dat het uniek, sensationeel materiaal was. Maar als je ontzettend lang bezig bent met een project, zelfs al is het zoiets controversieels, verlies je het zicht op wat het betekent. Om er dan uiteindelijk mee naar buiten te mogen treden en respons te krijgen van je publiek, dat geeft heel veel voldoening.’

‘Filmen in Noord-Korea is een soort moreel drijfzand: hoe je het ook aanpakt, uiteindelijk breng je altijd je hoofdpersonen en je crew in levensgevaar’

Mads Brügger
Terug naar het begin. Hoe is dit spionageavontuur op uw pad gekomen?

‘Het begon met een Facebookbericht. De mol schreef me dat hij The Red Chapel had gezien en hij stelde in feite voor verder te gaan waar ik gebleven was: door mijn ogen en oren te worden binnen de Deense tak van de Korean Friendship Association. Destijds had ik eigenlijk net besloten dat ik nooit meer een film over Noord-Korea wilde maken. Omdat het een soort moreel drijfzand is waar je dan in belandt: hoe je het ook aanpakt, uiteindelijk breng je altijd je hoofdpersonen en je crew in levensgevaar. Dat nooit meer, dacht ik. Maar aan de andere kant… hoe vaak gebeurt het je nou dat iemand zich aanbiedt als jouw persoonlijke mol?

Dus ik antwoordde: “Oké, laten we het proberen. Maar ik kan je niks betalen en je staat er alleen voor daar verder. Waarschijnlijk wordt het heel eenzaam en saai voor je.” Ik dacht dat hij na een paar samenkomsten van die club zijn interesse wel zou verliezen. Want undercover bij de Deense Noord-Korea-fans, dat is, tja, een beetje bier drinken en naar suffe speeches luisteren. Maar tot mijn verrassing bleef hij maar doorgaan en werd hij de leider van de club. En uiteindelijk mocht hij naar Noord-Korea samen met Korean Friendship Association-president Alejandro Cao de Benós, die ik tijdens The Red Chapel ook had leren kennen. Vanaf dat moment wist ik dat het los zou gaan en dat er een film in zat. Cao de Benós is – dat wist ik al – een onfrisse en gevaarlijke man. Én een uitzinnig personage: hij praat in ongelofelijke zinnen waarvan je je bijna niet kunt voorstellen dat ze niet van te voren uitgeschreven zijn.’

Jim Latrache-Qvortrup

Ulrich Larsen

We hadden het eerder over de absurde humor en de fictieachtige elementen die in uw documentaires opduiken; dat gebeurde dus ook weer in The Mole.

‘Ja, zoals ik al zei vind ik comic relief heel belangrijk in een serieuze documentaire. Maar dit keer moest de humor eerder een tandje terug, aangezien de film al zo veel maffe karikaturen bevatte! Daar was Cao de Benós er dus een van, maar ook Mr. James, onze eigen nepwapenhandelaar, is larger than life en zegt voortdurend absurde en provocerende dingen. En onder de Noord-Koreanen in de film zit een archetypische James Bond-schurk: Stoneface noemden we hem, omdat hij nooit iets zei. Als je al die personages bij elkaar ziet, lijken ze zo uit een petrischaaltje met filmboeven te zijn gestapt. Er is ook een programmeur van een filmfestival geweest die The Mole terugstuurde: hij dacht dat het een fictiefilm was en vond dat er nog veel aan moest gebeuren.’

‘Otto Warmbiers dood was een game changer. Was zijn verhaal eerder bekend geweest, dan had ik de mol niet naar Noord-Korea laten gaan.’

Realiseer je je als kijker eenmaal dat The Mole echt is, dan is het meteen een doodenge film. Wat als de mol en Mr. James ontmaskerd waren? Noord-Korea heeft om veel kleinere vergrijpen mensen kapotgemaakt. Neem de Amerikaanse student Otto Warmbier: het stelen van een poster moest hij in 2017 met de dood bekopen.

‘Otto Warmbier zat al in de gevangenis in Pyongyang toen we aan het opnemen waren, maar dat wisten we destijds nog niet. Later, toen hij overleed, waren de mol en Mr. James al terug. De dood van Warmbier was een game changer: ik wist vanaf toen dat ik de mol niet meer naar Noord-Korea kon laten gaan. Onze beveiliging werd ook serieuzer. Was die geschiedenis van Warmbier al eerder bekend geweest, dan had ik ze überhaupt niet op pad gestuurd.’

Cadeautje!

Je leest dit artikel gratis. Wil je meer van de VPRO Gids? Neem een abonnement. Nu 12 weken voor slechts 10 euro. Ik wil meer lezen →

Bedoelt u dat u naïef bent geweest over het gevaar van Noord-Korea?

‘Toen ik aan The Red Chapel begon was ik dat sowieso; ik was gefascineerd door dictaturen en Noord-Korea is de ultieme dictatuur, daarom wilde ik erheen. Maar die naïviteit was in zekere zin ook een overlevingsstrategie, want hoe meer je weet over hoe het Noord-Koreaanse regime werkt en hoe gevaarlijk het is, hoe minder graag je ernaartoe wil om een film te maken. Na The Red Chapel ben ik alles gaan lezen en bekijken wat ik kon vinden over Noord-Korea. Maar het land blijft een raadsel verstopt in een mysterie. Het regime is deels heel geavanceerd en gevaarlijk, als je het bijvoorbeeld hebt over cybercriminaliteit. Aan de andere kant is het ook, ja, bijna primitief. Gewoon doordat ze niet dagelijks met de rest van de wereld te maken hebben.’

Wat is uw hoop voor de toekomst van het land?

‘Mijn droom is natuurlijk dat het Bamboegordijn valt en de dictatuur ten onder gaat. Tja, mensen voorspellen al jaren dat het regime van Kim Jong-un zal vallen, omdat het heel zwak is, maar op een of andere manier weet het tot nu toe nog steeds in het zadel te blijven. Ik vind het een verschrikkelijk idee dat elke avond als de zon ondergaat er weer 25 miljoen mensen een dag hebben moeten doorbrengen in die slavenstaat. Want dat is uiteindelijk wat Noord-Korea is.’

Op NPO Start is elk deel van The Mole vanaf de zondag voor uitzending online te zien. Op NPO Start Plus staan beide delen vanaf zondag 13 december online. Op woensdag 16 december zendt NPO 2 Extra om 20.30 uur The Red Chapel uit.

2Doc: The Mole
NPO 2, dinsdag 15 en dinsdag 22 december 23.25-0.29 uur