Boekentips

Drie aanraders


Boekentips in de week van 25 april

Puberliefde

Jong in de jaren zestig - Jaap Goedegebuure
Het is ongetwijfeld een nicheonderwerp, maar iets ontwapenends hééft Jong in de jaren zestig (Querido), het boekje dat Frans Kellendonk-biograaf Jaap Goedegebuure publiceerde over diens puberliefde voor de muziek van (vooral) Bob Dylan. Deels door het onbedoeld hilarische Polygoon-proza waarin Goedegebuure in verbindende commentaren over popcultuur schrijft. Maar het is toch vooral ‘Kelly’s’ oprecht gekoesterde verlangen om in de voetsporen van zijn idool te treden dat ontroert. Dat spreekt uit brieven aan Nijmeegse schoolvrienden. Uit een met heilige ernst ontworpen hoes van hun helaas nooit opgenomen debuut-lp ‘Visions in Blue’. En uit de talloze liedteksten die hij van zijn veertiende tot ver in zijn studententijd schreef. ‘Ik droomde van dingen/waarvan ik moest zingen/en de tijd heeft me wakker gekust.’

DIRK-JAN ARENSMAN

Prinsesjes

De geheime gasten - Benjamin Black

Terwijl Duitse bommenwerpers Londen op zijn grondvesten doen schudden, worden in allerijl twee meisjes in een auto gezet. Ze moeten zo snel mogelijk de stad uit. Het zijn de prinsesjes Elizabeth (14) en Margaret (10), die onder valse namen worden ondergebracht in het mottige landhuis van een vrijgezelle Ierse hertog met een vergeeld kunstgebit. Laat het maar aan de vertelkunst van Benjamin Black, pseudoniem van de grandioze Ierse schrijver John Banville, over om dit sappige gegeven uit te buiten. In De geheime gasten (Querido) figureren behalve de prinsesjes en voornoemde hertog ook een blonde geheim agente, een Ierse rechercheur en een zwijgzame jachtopziener. Deze thriller is eerder vermakelijk dan spannend, al vloeit er wel degelijk wat bloed.

KATJA DE BRUIN

Paupers

Aan de grond in Londen en Parijs - George Orwell

Na een baantje als ambtenaar in India vatte Eric Blair belangstelling op voor de zelfkant en vestigde zich in 1928 als freelancejournalist in Parijs. Omdat hij voor zijn romans geen uitgever vond en platzak was ging hij onder mensonterende omstandigheden borden wassen in een hotel. Participerende armoedejournalistiek. Deze slavenarbeid, een jaar later aangevuld met ontstellende ervaringen als dakloze zwerver in Londen, kreeg zijn beslag in George Orwells autobiografische debuut Aan de grond in Londen en Parijs, nu in een nieuwe vertaling bij De Arbeiderspers. In een glasheldere stijl, met klinische blik en zonder morele verontwaardiging wordt de keiharde hiërarchie in de hotelkeuken beschreven, het junglebestaan van paupers, bedelaars en zwervers en hun weerzinwekkende bejegening in vieze pensions en daklozenverblijven.

MAARTEN VAN BRACHT

terug naar de gids