Elvis Presley verfde zijn blonde haren zwart om op acteur Tony Curtis te lijken, dé pretty boy van de jaren vijftig.

Knap. Opwindend. Mannelijk. De trailer van de avonturenfilm The Prince Who Was a Thief (1951) wond er geen doekjes om: hoofdrolspeler Tony Curtis (1925-2010) was Hollywoods nieuwste sekssymbool. Hoewel Curtis – Hongaarse immigrantenzoon Bernie Schwartz uit de Bronx – het witte doek eerder slechts sierde in kleine bijrollen, waren die korte momenten genoeg om jonge fans te laten zwijmelen. Ze overspoelden filmstudio Universal met fanbrieven, met grotere rollen voor hun idool Curtis als resultaat.

In het begin van Curtis’ carrière draaide het voor Universal en de fans dus vooral om zijn uiterlijk, wat logischerwijs resulteerde in nogal oppervlakkige films. Pretty boy Curtis groeide uit tot een fenomeen in de populaire cultuur en zijn donkere vetkuif werd hét kapsel van de jaren vijftig. Waarom denk je dat Elvis Presley zijn blonde haren zwart begon te verven?

Curtis ging echter gebukt onder zijn mooiejongensimago, zo blijkt uit de biografische documentaire (Tony Curtis: Driven to Stardom, 2011) van Ian Ayres. Een combinatie van archiefmateriaal, filmscènes en interviews met Curtis, ex-geliefden en beroemde Amerikaanse collega’s zoals Harry Belafonte, Piper Laurie, Debbie Reynolds en Mamie Van Doren. Hij wilde al die tijd bovenal serieus genomen worden als acteur.

Mede daardoor schuwde hij riskante projecten niet. Neem The Defiant Ones (1958), waarin twee aan elkaar geketende gevangenen ontsnappen en moeten samenwerken om te overleven. De een wit (Curtis), de ander zwart (Sidney Poitier) — allesbehalve vanzelfsprekend  in het Amerika van toen. Curtis moest zelfs eisen dat de naam van Poitier gelijkwaardig op de poster verscheen. Een jaar later verscheen hij gekleed als vrouw in zijn bekendste film: Billy Wilders progressieve Some Like It Hot (1959). Als saxofonist Josephine heeft hij een oogje op Marilyn Monroe.

De verschillende vrouwen in Curtis’ leven zijn een rode draad in de documentaire, wat ook begrijpelijk is als iemand zes keer getrouwd is. Zijn zoektocht naar de liefde wordt echter overschaduwd door zijn verlangen naar erkenning en de daaruit voortkomende drugsverslaving. Eeuwige roem heeft Tony Curtis gekregen, maar de weg ernaartoe was behoorlijk tragisch.

De documentaire Tony Curtis – Der Kerl aus der Bronx is op maandag 27 april te zien op Arte, 22.10-23.10 uur