Op de een-na-laatste dag van IFFR 2021 vertelden debuterend regisseur Dea Kulumbegashvili en componist Nicolas Jaar tijdens een online Big Talk over hun fraaie drama Beginning. 'Muziek moest in de film gewoon een vitale aanwezigheid zijn. Niets meer en niets minder.'

De laatste van de Big Talks op IFFR dit jaar ging over Beginning, het indrukwekkende speelfilmdebuut van de Georgische filmmaker Dea Kulumbegashvili. De muziek voor die film werd gecomponeerd door de Chileen Nicolas Jaar, die ook de muziek schreef voor Gouden Palm-winnaar Dheepan (van Jacques Audiard) en Ema (van landgenoot Pablo Larraín).

Onder leiding van de Nederlandse filmjournalist Hugo Emmerzael spraken Kulumbegashvili en Jaar onder meer over de belangrijke rol die in Beginning is weggelegd voor geluid, en hoe het kwam dat de muziek die Jaar gecomponeerd had steeds meer opging in de geluiden in die film.

Beginning laat zich niet makkelijk omschrijven. Dat weet ook Kulumbegashvili. En ze vertelt dat dat wel eens problemen opleverde toen de film nog niet gemaakt was. Want hoe kan je geld voor een film krijgen wanneer je zelf al niet goed kan uitleggen waar die over gaat?

Het idee kwam toen ze haar vader hoorde praten met een familielid die bij de Jehova’s Getuigen zat. Die vertelde hoe afkeurend ze daar naar buitenstaanders keken en Kulumbegashvili koppelde dat aan een eerder idee dat ze had. Ze wilde namelijk een film maken over een vrouw die normaal een bijfiguur in films is, maar bij haar de hoofdrol zou spelen.

Die vrouw in Beginning is Yana, getrouwd met David, leider van een groepje Jehova’s Getuigen ergens op het platteland in Georgië. Wanneer brandbommen hun kerk verwoesten weet Yana dat ze daar weg moet. Maar haar man wil van geen wijken weten en ook een bemoeizuchtige inspecteur uit hoofdstad Tbilisi, die de aanslag onderzoekt, maakt haar duidelijk dat ze als vrouw niets te willen heeft.

In de pitch die Kulumbegashvili voor potentiële geldschieters gebruikte werd het: ‘Mijn film gaat over een vrouw en haar reis naar het onbekende. Het is een film over identiteit en ergens deel van willen uitmaken.’

‘We waren het er al snel over eens dat de muziek geen verlengstuk van de menselijke emoties moest zijn'

Nicolas Jaar

Dea Kulumbegashvili en Nicolas Jaar tijdens de Big Talk

Voor Jaar aan de composities kon beginnen heeft hij het met de regisseur veel over de rol van muziek in de film gehad. Jaar: ‘We waren het er al snel over eens dat de muziek geen verlengstuk van de menselijke emoties moest zijn. Muziek moest in de film gewoon een vitale aanwezigheid zijn. Niets meer en niets minder.’

Tijdens de montage verdween Jaars score steeds meer naar de achtergrond en werd het onderdeel van de geluiden in de film. Van het ruisen van de wind, een huilende hond, of van het getsjirp van krekels.

Het mooiste voorbeeld dat daarvan in de Big Talk voorbijkomt is van de brand aan het begin van de film. We denken dat we alleen het geluid van de verzengende vlammen horen, maar in de montage zette Kulumbegashvili daar ook heel zacht de pulserende muziek van Jaar onder. ‘En toen pas zag ik het grandioze van de bergen op de achtergrond. Geen idee hoe dat kan, maar het gebeurde wel.’

Jaar zelf noemt nog de scène waarin Yana met haar moeder spreekt. ‘Ik hoor dan het geluid van een hartslag. Maar hoor ik dan één of twee harten kloppen? Ik ben heel blij met die twijfel, want twijfel zet je aan het denken. En die ambiguïteit zit in de hele film.’

Zowel Jaar als Kulumbegashvili kruipen in de Big Talk regelmatig diep in de film, maar – wil de moderator terecht weten – blijven zulke nuances en subtiliteiten ook overeind nu we films thuis streamen?

Voor Kulumbegashvili is het sowieso belangrijk dat de film gezien wordt. ‘Alleen wanneer iedereen hem kan zien, kan ik er afstand van nemen. Hij zal straks ook zeker weer in de bioscopen gaan draaien, maar ik ben heel benieuwd hoe mensen de film nu thuis ervaren. Iedereen zegt maar steeds dat we thuis heel anders naar films kijken, maar dat vraag ik me af. Nu is er in ieder geval een heel mooie gelegenheid dat eens goed te onderzoeken.’