‘Het lied van ooievaar en dromedaris’ van Anjet Daanje geeft blijk van ongekende verbeeldingskracht. Omdat haar duizelingwekkende roman zich niet zomaar laat samenvatten is het woord nogmaals aan de auteur.

Niet elke schrijver spint garen bij een plaatsje op de Librislonglist, maar voor Anjet Daanje betekende het haar doorbraak. Toen De herinnerde soldaat in 2020 door de jury uit de stapel werd gevist, was het gedaan met de comfortabele anonimiteit waarin ze dertig jaar aan haar romans en filmscenario’s had gewerkt. Recensenten werden wakker en lezers verloren hun hart aan soldaat Amand Coppens die zijn geheugen kwijtraakte in de Eerste Wereldoorlog.

‘Al die biografen hebben hun eigen Emily gecreëerd aan wie ze gehecht zijn geraakt. Dat heb ik ook gedaan’

Anjet Daanje

Terwijl De herinnerde soldaat keer op keer werd herdrukt, werkte Daanje aan haar volgende boek. Dat is er nu, en wie het leest wordt geheid van z’n sokken geblazen. Het lied van ooievaar en dromedaris is een duizelingwekkend rijke roman waarin Daanje haar ongekende verbeeldingskracht toont. Alleen: hoe overtuig je de mensen ervan dat ze dat dikke boek met die rare titel beslist moeten lezen? Het is namelijk heel lastig uit te leggen waar Het lied van ooievaar en dromedaris over gaat. Zelfs uitgever Anton Scheepstra komt er niet uit. Dus rest er nog maar één mogelijkheid. Hoewel de vraag ‘waar gaat je boek over?’ geldt als een absolute doodzonde, vragen we het toch aan de schrijver zelf. Anjet Daanje erkent lachend dat het inderdaad niet meevalt om dat uit te leggen.

Daanje: ‘Het is een boek in elf hoofdstukken met elf verschillende hoofdpersonen die allemaal een houvast zoeken in hun leven. Dat begint in de negentiende eeuw met religie of bijgeloof en verschuift gaandeweg naar wetenschap of complottheorieën. Maar eigenlijk heeft dat dezelfde functie in het leven van die mensen.’

Uit angst potentiële lezers af te schrikken, verzwijgt ze dat het ook een boek is over dood en vergankelijkheid, en dat bovendien de geest van Emily Brontë erin rondwaart. Alleen heet ze geen Emily Brontë, maar Eliza May Drayden.

Hoho, niet afhaken nu, want dit is een roman die zich op allerlei niveaus laat lezen. Als een literaire puzzel, als een grandioze tijdreis of gewoon als een verzameling uiterst meeslepende verhalen waarin voor de goede verstaander de echo’s van schrijvers als Sarah Waters en Margaret Atwood zijn terug te horen. Je hoeft helemaal niks van de gezusters Brontë te weten om volledig te worden meegezogen in deze roman, die begint op 12 december 1847 in Yorkshire en eindigt op 12 december 2007 in Groningen. In elf verhalen vertelt Daanje wat er in die anderhalve eeuw gebeurt in de levens van mensen die op de een of andere manier verbonden zijn met de mysterieuze schrijfster Eliza May Drayden. De zonderlinge Eliza groeide met haar zusjes op in een eenzame pastorie in een dorpje in Yorkshire en werd na haar dood wereldberoemd dankzij haar duistere roman Haeger Mass.

Jeugdbevlieging

Daanje begint haar vertelling met Susan Knowles-Chester, die de doden wast, hun haar kamt en ze de lijkwade aantrekt die ze voor hen heeft genaaid. Ook haar dorpsgenoot Eliza zal ze klaarmaken voor haar graf, want ze sterft jong. Dertig is ze pas. Niemand kan dan nog bevroeden dat ze onsterfelijk zal blijken. Zo onsterfelijk dat ze 174 jaar na haar dood iemand in Groningen inspireert tot een roman van 650 pagina’s.

‘Na de dood van mijn ouders verlangde ik terug naar mijn jeugd, dus ben ik de Brontës gaan herlezen’

Hoewel de drie Brontë-zusjes samen maar acht romans en een handvol gedichten publiceerden en er betrekkelijk weinig over hun leven bekend is, is er een goed gevulde bibliotheek over hen volgeschreven. Daanje voegt daar nu een volstrekt uniek boek aan toe. Ze droeg Het lied van ooievaar en dromedaris op aan Charlotte, Emily en Anne Brontë, en aan haar ouders, die in 2015 en 2016 overleden.

‘Na de dood van mijn ouders verlangde ik terug naar mijn jeugd, dus ben ik de Brontës gaan herlezen. Ik was bang dat Jane Eyre een romantische jeugdbevlieging zou blijken, maar ik las de eerste pagina en dacht meteen: dit is hartstikke goed. De plot slaat soms nergens op, maar hoe ze de innerlijke gedachtewereld van Jane Eyre beschrijft is echt prachtig. Daarna ben ik Wuthering Heights gaan herlezen, dat had ik ook gelezen op mijn zeventiende, maar ik vond Jane Eyre veel leuker want je kunt veel meer meeleven met de personages. In Wuthering Heights zitten vooral akelige personages. Ik heb er allerlei verhandelingen over gelezen en eigenlijk weet niemand waar het boek over gaat. Het rare is dat het juist daarom zo met z’n tijd is meegegaan. In de negentiende eeuw vond men het een grof boek, daarna werd het gezien als een feministisch boek, en omdat Heathcliff zwart zou zijn werd het uiteindelijk ook een boek dat ging over racisme. Mijn eerste idee was om een moderne Wuthering Heights te schrijven. Dat is niet gelukt, maar ik heb me wel laten inspireren door de structuur van dat boek, waarin veel gebeurtenissen zich herhalen.’

Daanjes roman is ondanks de ambitieuze opzet veel toegankelijker dan Wuthering Heights. Het ene moment bevind je je in een negentiende eeuwse wolfabriek waar vrouwen twaalf uur per dag een automatisch weefgetouw bedienen dat stampt en brult als een ongetemd beest. In een ander hoofdstuk neemt ze je mee naar een grafkelder onder de kerkvloer waaruit een adembenemende lijkenlucht opstijgt. Er is een huiveringwekkend verhaal over een familievloek, waarbij alle eerstgeboren jongetjes Emery gedoopt worden en vervolgens sterven, en een ingenieus gothic verhaal over een tweeling die spirituele seances uitvoert waarbij ze contact met de doden zoeken. Als de twintigste eeuw aanbreekt, neemt Daanje je mee naar Frankrijk, waar de Eerste Wereldoorlog levens verwoest, en naar Londen, waar de Tweede Wereldoorlog op een heel andere manier hetzelfde doet.

Kinderschoenen

In al die verschillende verhalen spoken op de achtergrond de schrijvende zusjes Drayden rond, die na hun vroege dood als heiligen worden vereerd. Tweelingzusjes, schoonzusjes, halfzusjes; zussen komen in deze roman in alle mogelijke variaties voorbij. Vaak is hun relatie symbiotisch, totdat Magere Hein ten tonele verschijnt met zijn zeis, want het is de dood die iedereen verenigt en die Daanje in al zijn facetten beschrijft. Intussen wordt de angst voor de dood bezworen door kinderschoenen in huis te verstoppen en op straat te spugen als je een wit paard ziet. Maar de dood brengt ook berusting. De heide gaat gewoon door met bloeien, verdort en bloeit opnieuw. ‘Susan verbaasde zich niet meer over de streken van de Dood, hij was niet wreed of hongerig. Was hij dat maar, dan zou hij gunstig te stemmen zijn, of overvoerd kunnen raken. Hij was onverschillig, als een steen, een wolk, een boom.’

Dit soort passages maken Het lied van ooievaar en dromedaris ook tot een wonderlijk troostrijk boek.

Intussen blijft Eliza May Drayden tot het einde toe het raadsel dat ze altijd is geweest, de schrijfster van dat ene onbegrijpelijke boek dat door elke generatie opnieuw wordt ontdekt.

Ook nu het boek af is, is Daanje nog steeds niet klaar met de Brontës. ‘Ze zijn een soort familie geworden. Ik ben aan ze gehecht geraakt. Er is ontzettend veel over ze geschreven en over ze gespeculeerd. De eerste biografie van Emily verscheen veertig of vijftig jaar na haar dood. Die was heel romantisch. Inmiddels verschijnen er boeken met steeds extremere theorieën. Ze zou krankzinnig zijn, last hebben van psychoses, lijden aan anorexia, autistisch zijn. Daar ben ik het niet zo mee eens. Ze was gewoon een vrouw, alleen misschien een beetje vreemd. Al die biografen hebben hun eigen Emily gecreëerd aan wie ze gehecht zijn geraakt. Dat heb ik ook gedaan. Ik heb allemaal dingen in mijn boek gestopt waarvan ik dacht dat zij ze leuk zou vinden.’

En hoe zit het met die raadselachtige titel? Die gaan we mooi niet uitleggen. Wie het boek leest, zal vanzelf begrijpen wat die dromedaris in Yorkshire te zoeken heeft. Of niet.

Anjet Daanje

Het lied van ooievaar en dromedaris

meer boekentips