VPRO Gids 51

20 december t/m 2 januari
Pagina 147 - ‘Amsterdamse kapsones’

Amsterdamse kapsones

Daan Schneider ,

In de creatieve documentaire Het ratje, de mens en de metro kijken we met rattenogen naar de Amsterdamse ratrace. ‘Meer meer meer, maar waar is het einde?’

Het is een rare diersoort, de mens. Aan die conclusie valt niet te ontkomen door een rat als Staartje, die al haar hele leven in en rond de Noord-Zuidlijn leeft. In het korte filmessay Het ratje, de mens en de metro van Thomas Willem Renckens deelt zij in plat Amsterdams accent haar ongezouten mening over haar tweevoetige habitatgenoten, ‘de grootste mafkezen ter wereld’, die van hot naar her hollen, de boel vervuilen, altijd druk-druk-druk zijn en nooit genoegen nemen met wat ze hebben. En dan hebben ze ook nog het lef om die mallemolen een ‘ratrace’ te noemen, terwijl ratten juist zoveel slimmer, socialer en bescheidener zijn dan die menselijke ‘kapsoneslijers’. ‘Deze rat is het zat!’

Staartje laat ons kennismaken met een paar markante exemplaren op haar metrolijn. Rattenjager Jos bijvoorbeeld, die zijn kostje bij elkaar scharrelt door ratten met een luchtbuks af te schieten. Wie is hier nou het ongedierte? Of de kantoorarbeider Allan die zich als rat in de val uit de naad werkt op de Zuidas. Mijn werk is nooit af, zegt ie. ‘Je bent geen workaholic, maar een passionholic,’ stelt zijn manager hem gerust.

Gelukkig zijn er ook exemplaren zoals Staartjes lievelingsmens Stanley, die op de Albert Cuypmarkt zijn soortgenoten observeert en karikaturen van hen tekent. Zijn wijsheid: ‘Hoor ’s, iedereen heeft sores. Wees dankbaar voor wat je hebt, weet je.’ En ook metrobestuurder Vincent ziet ze rennen. ‘Dan denk ik weleens: mensen maken zichzelf gek door mee te doen aan zo’n ratrace. Meer meer meer, maar waar is het einde? Het mooie aan metro’s, die hebben een eindpunt. Daar moet je het mee doen.’

Verder gaan we nog even langs bij stadsarcheoloog Peter die alle uit de gracht geviste rotzooi objecten beheert – en dan noemen ze ratten vies – en de toekomstlezer Mignon die bij metrostation Noord kaarten trekt voor mensen die verlangen naar liefde, geld en geluk.

Regisseur Thomas Willem Renckens vertelt aan de telefoon dat hij net naar Brussel is verhuisd en dat hij deze film deels maakte als afscheid van Amsterdam. ‘De stad is de laatste jaren veel veranderd – nog netter, duurder en chiquer geworden. Je wordt er steeds meer omringd door mensen die vooral snel rijk willen worden. Vanuit het perspectief van de rat wilde ik het oude Amsterdam tegenover die yuppencultuur zetten. En dan met een magisch-realistisch tintje, met personages die iets buitenaards en iets fantasierijks hebben.’