De Nederlandse inzending voor de Oscars is Do Not Hesitate van Shariff Korver, een geslaagde en intrigerende mix van psychologisch drama, horror en oorlogsfilm. Met een fantastische bijrol van Omar Alwan, een Syrische vluchteling die op zijn twaalfde naar Nederland kwam.

Do Not Hesitate begint in 2009, met een artikeltje dat filmmaker Shariff Korver (1982) leest in het AD. Over een groep Nederlandse soldaten die op Kreta voor overlast hebben gezorgd. Ze waren net vijf maanden op vredesmissie in Afghanistan geweest en waren op Kreta om te debriefen en te ontspannen. En toen sloeg de vlam in de pan.

Korver, die dan nog op de filmacademie zit, knipt het artikel uit en stopt het in een map. Een ideetje voor later.

In 2011 studeert Korver af, maar een film over het leger lijkt hem logistiek te complex en dus maakt hij eerst Infiltrant (met Nasrdin Dchar als politie-inspecteur die undercover gaat bij de mocromaffia). In 2014 leest Korver het AD-artikeltje nog eens goed door en besluit hij dat hij er nu wel klaar voor is. Hij zoekt een producent en schrijver bij het project en gaat aan de slag.

En nu, vanaf 11 november, draait Do Not Hesitate in de bioscopen.

'Het zijn gewone jongens en maar nauwelijks ouder dan het jochie dat ze ontmoeten. Dat jochie is veertien en had hun kleine broertje kunnen zijn.'

Shariff Korver

De film is een geslaagde en intrigerende mix van psychologisch drama, horror en oorlogsfilm geworden en werd onlangs aangewezen als de Nederlandse inzending voor de Oscars.

We volgen drie jonge Nederlandse soldaten op vredesmissie. Ze moeten achterblijven bij een gestrand militair voertuig en zo voorkomen dat er onderdelen gestolen worden. Hun eindeloze wachten in de hitte wordt verstoord wanneer ze in paniek een rondscharrelende geit doodschieten. Waarna ze oog in oog komen te staan met de jonge eigenaar van de geit, die verhaal komt halen.

Wat stond er in dat krantenberichtje in het AD dat jouw fantasie zo prikkelde dat er een film over moest komen?
Korver: ‘Ik vroeg me vooral af hoe die soldaten op Kreta zich toen gevoeld moeten hebben. Heb je net vijf maanden Afghanistan achter de rug en kan je even bijkomen voordat je teruggaat naar papa en mama, of naar je vriendin, en dan loopt alles uit de hand. Er wordt gezopen, gevochten. Maar we hebben het wel over jongens van achttien jaar of net iets ouder. Die helemaal niet weten hoe ze moeten omgaan met alles wat ze in Afghanistan hebben meegemaakt. Dat onvermogen intrigeerde mij.’

Do Not Hesitate (2021)

Herkende je iets van jezelf in hen?
‘Ik heb niet in het leger gezeten, maar het leger heeft wel een rol in mijn leven gespeeld. Mijn oma uit Venezuela is jarenlang psycholoog geweest bij de landmacht. Een landmacht, die mede was opgericht door mijn opa. Dus het leger zat bij mij in de familie. Ik heb tot mijn achttiende in Venezuela gewoond en daar werden destijds eens in de zoveel maanden jongeren van straat geplukt. Als je ouder dan achttien was en niet kon bewijzen dat je studeerde of financieel voor je ouders zorgde, stopten ze je in het leger. Wat enkele van mijn vrienden ook is overkomen en als zeer traumatisch werd ervaren. Daarom ben ik ook vlak voor mijn achttiende uit Venezuela weggegaan en naar Nederland gekomen, waar ik wilde studeren.’’

Jij voelde met die jongens op Kreta mee?
‘Ja, maar ik wist al snel dat de debriefing en de onrust op Kreta niet de hele film moest zijn. Het moest gaan over wat er daarvoor gebeurd was. Hoe je als achttienjarige omgaat met de cultuurschok van uitzending naar een land in oorlog. Waar de hitte verzengend is en niemand je verstaat. En hoe iets wat in Nederland nog een jongensdroom leek, kan omslaan in een nachtmerrie. Je ging erheen om de lokale bevolking te helpen, maar dan kom je oog in oog te staan met die lokale bevolking en wil lang niet iedereen door jou geholpen worden.

Dat jochie met die geit [in de film horen we nooit zijn naam, maar op de aftiteling wordt hij Khalil genoemd, red.] is geboren in de oorlog. Alles wat hij ziet zijn mensen die zeggen dat ze gekomen zijn om hem te helpen, maar ondertussen wel wapens dragen waarmee ze op hem kunnen schieten.

Tegelijkertijd zijn de drie jonge soldaten in mijn film zeker geen GI Joe’s. Het zijn gewone jongens en maar nauwelijks ouder dan het jochie dat ze ontmoeten. Dat jochie is veertien en had hun kleine broertje kunnen zijn. In een andere situatie hadden ze samen een balletje getrapt. En achteraf was het ook veel beter geweest als ze dat gedaan hadden.’

Een van de drie jongens, Erik, zien we aan het begin van de film minutenlang drummen. Waarom?
‘Scenarioschrijver Jolein Laarman en ik hebben vooraf veel gesproken over waar we de film zouden beginnen. Negen van de tien films zouden in het oorlogsgebied beginnen en dan flashbacks gebruiken voor de thuissituatie. En als ze al bij Erik thuis zouden beginnen, dan zou je het afscheid van zijn ouders zien, of van zijn vriendinnetje, of het dorp waar hij vandaan komt. Dat zijn de clichés. Dat wilden wij juist niet. Toch wilden we Erik wel eerst zonder zijn wapen en uniform laten zien. En zo kwamen we op het drummen.’

Daar zien we hem nog als gewone jongen, maar zodra hij zijn uniform aan had geloofde ik hem meteen als soldaat. Hoe kreeg u dat voor elkaar?
‘Ik word heel blij als mensen dat zeggen. Want als regisseur is het mijn taak om jou te doen geloven dat deze gevoelige jongens, die allemaal een acteeropleiding hebben gevolgd, echte soldaten waren.

Tegenover waar ik woon staat een kazerne, en ik zie daar heel regelmatig jonge soldaten voor de poort staan. Jongens met rugzakkies, die hun training komen doen. Ik woon vijfhoog en kan ze zien rennen. En die jongens zijn zo’n beetje het tegenovergestelde van de acteurs uit mijn film. Het type jongen dat het leger in gaat is een no-nonsense jongen, die meestal niet uit de stad komt en houdt van fysieke uitdagingen en van techniek.

Mijn acteurs in de film zijn artistiek en gevoelig en moesten echt transformeren. Alle drie moesten ze een accent uit de provincie aanleren, en alle drie zijn ze tussen de tien en vijftien kilo aangekomen. Deels spieren, maar ook deels vet. Om dat gezonde-Hollandse-jongensgevoel te krijgen.

Een veteraan heeft ze wekenlang gedrild, en als voorbereiding op hun rol werden geen scènes gerepeteerd, maar moesten ze samen in één huis slapen en dag en nacht samen zijn. Want in het leger heb je nooit privacy. Koken, sporten, slapen, de hele dag ben je samen. Dat had ik uit de research gehaald: de camaraderie tussen de jongens daar is heel belangrijk. Dat voel je ook in de film, volgens mij, dat er tussen die drie jongens een dynamiek is die van ver komt.’

Do Not Hesitate (2021)

En dan is er ook nog Omar Alwan, die geweldig is als Khalil...
‘Omar is een Syrische vluchteling, die op zijn twaalfde naar Nederland kwam. Khalil was de moeilijkste rol om te casten. Ik heb over de hele wereld lijntjes uitgezet, maar dat leverde niets op. Maar soms moet je geluk hebben, want ik herinnerde me dat ik ooit via crowdfunding een korte film had gesteund over een vluchteling. Die film had ik nog nooit bekeken, maar toen ik hem bij de producent opvroeg en Omar daarin zag spelen vroeg ik hem gelijk om auditie te komen doen voor mijn film. De scène die hij moest spelen was samen met Joes [Brauers, red.], die Erik speelt. Joes zat op een stoel en de opdracht voor Omar was om aan Joes duidelijk te maken dat ie nergens heen gaat. Sterker nog, Omar moest proberen Joes de kamer uit te krijgen. Na vijf minuten had Omar Joes helemaal kapot gemaakt. Iedereen die daar was keek elkaar van: Holy shit! Volgens mij hebben we goud gevonden.’

Die Khalil is in de film ook best een heftig ventje...
‘Als kijker verwacht je dat iemand als Khalil dankbaar is. Of een slachtoffer. Het is heel confronterend dat hij zich niet gedraagt naar onze verwachtingen. Het was ook niet makkelijk de juiste balans voor de film te vinden. Want sommige mensen zullen zeggen: Moet dat jongetje niet sympathieker zijn? Gaan we nu beweren dat alle Arabische jongetjes boos zijn? En dan moet je toch sterk in je schoenen staan en uitleggen dat het daar niet over gaat. Om te beginnen vertegenwoordigt hij alleen zichzelf, niet een heel volk. En je kan van hem wel een zoet mannetje maken en de film vol begrip en empathie voor de ander stoppen, maar dat is een andere film. Met deze film wilden we de diepte in gaan en dan kan je niet gaan pleasen.’

Do Not Hesitate is vanaf donderdag 11 november te zien in de bioscoop