Agent Orange, de stripbiografie van prins Bernhard, vertelt een heel andere geschiedenis dan EO’s Juliana. Niet dat auteurs Mick Peet en Erik Varekamp een hekel hebben aan de prins. ‘We hebben er een vriend bijgekregen.’

Koningin Wilhelmina is in 'Het huwelijk van prins Bernard', deel twee van Agent Orange, de stripbiografie van prins Bernhard, nog het aardigste personage. Een beetje stuurs, maar terzake. Ze is niet het wereldvreemde staatshoofd dat de democratie wilde afschaffen omdat al dat geklets in het parlement nergens toe leidde. 'Maar dat maken we goed in het volgende deel,' zeggen scenarist Mick Peet (art director bij AD Magazine, onlangs door vakblad Media Facts bekroond voor 'De mooiste cover van 2005') en tekenaar Erik Varekamp (illustrator bij onder meer AD Magazine, HP/De Tijd, Hard Gras en de VPRO Gids). Alle andere personages in het boek zijn opportunisten, doortrapt, vals en slecht. De prins Zur Lippe-Biesterfeld spant de kroon. Hij kijkt de andere kant op als bij joodse winkeliers de ruiten worden ingegooid. 'Niet mijn gevoel voor orde, recht en fair play,' denkt hij. Hij stapt over van de SA naar de SS omdat hij het zwarte uniform zo mooi vindt - hij laat het zich aanmeten door de firma Hugo Boss. Hij sloft door zijn studie en hij krijgt vervolgens een topbaan aangeboden zonder noemenswaardige inspanning.
Hij belazert zijn vrouw al tijdens zijn huwelijksreis. Hij zegt dat ze waarschijnlijk een dochter zal krijgen, omdat alleen knappe vrouwen zonen krijgen. Toch vinden tekenaar en scenarist dat zij met mededogen aan de biografie wrken. Varekamp: 'Het leven overkwam hem ok maar.' Peet: 'Het is niet onvoorstelbaar dat iemand uit zo'n milieu waar iedereen aan zijn voeten lag, op een andere manier onderscheid maakt tussen goed en kwaad.' Bernhard liet zich door Nederland tweehonderdduizend gulden, belastingvrij, betalen. Omgerekend naar nu zou dat volgens de Nederlandsche Bank een bedrag zijn van 1,7 miljoen euro. Hitler noemde de prins in zijn Tischgespräche de duurst betaalde gigolo van Europa. Het leven van de prins is ook veel slapstick, vindt tekenaar Varekamp. 'Auto's en vliegtuigen bleven nooit lang heel.'

Gleufhoed
Agent Orange is volgens de makers geschiedenis voor havo-4- leerlingen. Met leuke plaatjes, geschiedenis in light verse, zullen we maar zeggen. Een paar jaar geleden begonnen ze aan de biografie. 'Tot mijn verrassing zijn er bibliotheken volgeschreven over de prins,' zegt Peet. 'En het zit toch allemaal net even anders in elkaar dan je op school hebt geleerd,' zegt Varekamp. Daarover gaat het boek; het zijn niet de wilde ideeën van Peet en Varekamp over het leven van prins Bernhard. De auteurs hebben hard gestudeerd op hun onderwerp en hun teksten zijn voorgelegd aan historici, onder wie Gerard Aalders (Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie), Otto Spronk en Coen Hilbrink. De laatste schreef een nawoord bij deel twee. Het nawoord wordt geïllustreerd met officiële documenten.
Dat is niet zo gebruikelijk in stripboeken. De jonge jaren van prins Bernhard, het eerste deel, dat verscheen vlak voordat Bernhard overleed in 2004, was een groot succes. Inmiddels zijn daar bijna dertienduizend exemplaren van verkocht.
Dat komt natuurlijk doordat het een spannend verhaal is over een intrigerende personage van wie we nooit alles zullen weten. Maar het komt ook door het strakke tekenwerk van Varekamp. Hiij zat al heel lang te wachten op een echt stripverhaal, want alleen illustreren ging vervelen. En toen, in het café, zei Peet: 'Een spannend verhaal? Dat moet dan over Bernhard gaan, dat is het mooiste verhaal van de twintigste eeuw. Wil je nog een biertje?' Varekamp fietste naar huis en ging achter de tekentafel zitten. 'Bij de eerste schetsen zagen we dat het goed zat. De jaren twintig en dertig zijn ook een mooie tijd om te tekenen. Mooie auto's, mooie vrouwen en de heren dragen nog een gleufhoed.'

Voorgekookt
Het duo is nu niet direct binnengelopen door Agent Orange, ondanks de indrukwekkende verkoopcijfers. 'In uren omgerekend, verdien ik er min één cent mee,' zegt Varekamp. Maar het is goed en het is nuttig om er, naast een drama als 'Juliana', een schietfilm als Zwartboek en de canon van Frits van Oostrom, een luchtiger kijk op de geschiedenis bij te hebben. 'In 1945, toen de oorlog voorbij was, is afgesproken dat iedereen bij het verzet had gezeten en elke avond braaf een extra bordje had gedekt voor een onderduiker, en dat landverraders netjes zijn berecht,' zegt Varekamp.
'Maar zo zat het dus niet. Die werkelijkheid en al die dikke boeken die erover zijn geschreven behoeven wel enige nuancering. De zakenwereld, de politie, het leger, en bestuurders als burgemeesters waren grotendeels pro-Duits. Voor de oorlog en tijdens de oorlog. Voor de oorlog is sir Henri Deterding, directeur van de Koninklijke Shell, in Duitsland begraven. Met mooie vlaggen met hakenkruizen. Hitler liet een krans bezorgen. Gelukkig gaan er steeds meer archieven open.'
Varekamp: 'We vallen tijdens het schrijven van de ene verbazing in de andere. We hebben bijvoorbeeld ontdekt dat het huwelijk tussen Juliana en Bernhard is voorgekookt door IG Farben. Dat is een feit en het is bovendien niet het enige IG-huwelijk. De officiële geschiedschrijving wijkt enorm af van hoe het volgens ons echt is gegaan.'
Peet en Varekamp hebben meters documentatiemateriaal doorgeploegd. Tot en met de jaargangen 1937-1939 van de Baarnsche Courant toe, die gek genoeg niet meer te lezen is bij de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag, maar alleen nog in Baarn.
Varekamp reconstrueert de agenda van de prins, van dag tot dag probeert hij in beeld te krijgen wat Bernhard deed en waar hij was. Dat zijn vijf ordners vol.

Vliegtuig
Scenarist Peet legt naast de agenda van de prins de nationale en internationale gebeurtenissen. 'Bernhard zei na zijn introductie dat Nederland werd geleid door bejaarden. Daarin had hij gelijk. Een aristocratische kaste bestuurde het land en speelde elkaar baantjes toe. En ze waren oud. Henri Winkelman was al met pensioen - en gepasseerd voor de hoogste functie bij de krijgsmacht - toen hij werd teruggeroepen voor de mobilisatie in 1940. Veel heeft dat overigens niet geholpen. De houding ten opzichte van de prins was wel een stuk realistischer dan na de oorlog. Bernhard kreeg al in 1936 een vliegtuig aangeboden voor te verlenen diensten voor vliegtuigbouwer Koolhoven. De regering zag liever dat die gift achterwege bleef. Bij de Lockheed-affaire veertig jaar later had de politiek het nakijken.'
Na de oorlog werd alles anders. Toen was er niets meer over van de herenclub Holland. Alle verhoudingen waren gaan schuiven. Nederland raakte Insulinde, zijn grootste kolonie, kwijt. Daarover gaat het volgende deel. 'De Tweede Wereldoorlog kan wel in paar bladzijden,' denkt Peet. Maar dat is niet helemaal zeker. Toen Peet en Varekamp aan de biografie begonnen, dachten ze in drie deeltjes klaar te zijn. Nu denken ze aan zes deeltjes, of meer. Wordt (in elk geval) vervolgd.