Elke professionele muzikant heeft weleens een matig optreden. Dat is balen, maar de meesten zullen er al vrij snel de schouders over kunnen ophalen – kan gebeuren, volgende keer beter. Zo niet Robert Fripp, oprichter en enig permanent lid van de Britse progrockgroep King Crimson. Als Fripp na een concert ontevreden is, ervaart hij dat als een regelrechte tragedie. ‘Het voelt dan alsof mijn moeder is overleden,’ vertelt hij in de portretfilm In the Court of the Crimson King uit 2022. Stelt hij vervolgens vast dat de mislukking te wijten is aan ‘egoïsme’ van een medemuzikant (en die kans is groot, aangezien Fripp zelf dagelijks urenlang oefent op zijn onnavolgbare gitaarloopjes), dan zijn de rapen gaar. ‘Ze hebben mijn moeder vertrapt. Dat maakt me razend.’
Het moge duidelijk zijn: de lat ligt hoog binnen King Crimson. En dus is het geen wonder dat Fripp in de loop der tijd al meer dan twintig bandleden zag vertrekken; sommigen uit eigen wil, anderen op zijn initiatief. In 1969 richtte Fripp de groep op met twee maten, maar die pakten al binnen een jaar hun biezen. Een van hen, toetsenist Ian McDonald, vertelt in de film aangedaan dat hij zich nog altijd schuldig voelt over die keuze. Niet onterecht, vindt Fripp. Andere oud-leden schilderen de bandleider af als een tiran, en ook huidige medewerkers lijken hem minstens zo te vrezen als te respecteren. Zelfs filmmaker Toby Amies, ingehuurd om het vijftigjarige bestaan van King Crimson te verslaan, is soms merkbaar nerveus: kan hij ook zomaar de laan uit worden gestuurd als hij de baas te veel op de zenuwen werkt?
Het werpt allemaal de vraag op waarom iemand überhaupt met Robert Fripp zou willen samenwerken. Een vraag waar regisseur Amies – die weinig achtergrond biedt, maar sterk observeert – behoorlijk overtuigend antwoord op geeft. Jawel, Fripp kan een onuitstaanbare werkgever zijn, die pretentieuze, soms onluisterbaar complexe muziek maakt. Maar zijn ongekende toewijding levert zonder meer iets bijzonders op. King Crimson is muzikale topsport, die liefhebbers welhaast religieuze ervaringen biedt. Dat blijkt niet alleen uit de getoonde concertbeelden, maar ook uit de euforische reacties van geïnterviewde fans. Fripp is misschien een meedogenloze koning, hij zit niet onverdiend op zijn troon.