VPRO Gids 12

21 maart t/m 27 maart
Pagina 5 - ‘Job, Emmy en Edison’
papier
5

Cadeautje!

Je leest dit artikel gratis. Wil je meer van de VPRO Gids? Neem een abonnement. Nu 12 weken voor slechts 10 euro. Ik wil meer lezen →

Job, Emmy en Edison

Tekst en beeld Robert Lagendijk

Job Roggeveen kennen we als de Job uit het Utrechtse animatietrio Job, Joris en Marieke. Stilzitten is niets voor Roggeveen. Met zijn muziekproject Happy Camper maakte hij al drie albums, nu komt daar een solodebuut bij.

Job Roggeveen

Toen Job Roggeveen op jonge leeftijd muziek van The Beatles te horen kreeg, wist hij meteen vrij zeker: dit kan ik ook. Misschien op een ander niveau, maar het was de taal van de muziek die hij direct begreep. In diezelfde tijd leerde hij dat hij alles wat hij in het leven zou gaan ondernemen als een project moest zien. En dat doet hij nog steeds. Bij elke klus die op zijn bord ligt, denkt hij: die berg ga ik eens beklimmen.
Zijn privélerares had nog nooit een leerling meegemaakt die niet van de piano kon afblijven
Roggeveen werd op 1 januari 1979 geboren in Geldrop, net na de grote punkgolf dus. De punks van do it yourself en no future. Hij zal er aanvankelijk weinig van meegekregen hebben. Ook niet van het feit dat zijn geboortejaar het laatste staartje is van generatie X, een creatieve generatie van zelfstandige 'sleutelkindjes' die meer dan hun voorgangers waren gericht op vriendjes en vriendinnetjes.
Klassieke muziek kreeg hij thuis met de paplepel ingegoten. Op zijn vijfde luisterde hij naar de Matthäus-Passion. Twee jaar later ging hij op pianoles. Hij vond het meteen een magisch instrument. En waar in andere gezinnen nog wel eens een sturende hand nodig was om het kroost wekelijks richting muziekschool te dirigeren, keek Job juist uit naar de lessen. Zijn privélerares vertelt nog nooit een leerling te hebben meegemaakt die niet van de piano kon afblijven.
Hij leefde zijn hele jeugd in een eigen wereld. Niet dat Job nou zo stil was, de anderen waren alleen bijzonder extravert, waardoor hij nogal eens in zijn schulp kroop. Muziek gaf hem een eigen stem. De privélerares liet de etudes al gauw voor wat ze waren en leerde Job de nodige akkoorden. En zo kon hij op zijn achtste zelf aan de slag als liedjesschrijver. Maar hij wilde meer. Op zijn tiende besloot hij samen met een vriend een album te maken. Job schreef de muziek, de vriend de teksten. Met microfoons aan de cassetterecorder namen ze stap voor stap hun liedjes op, net zolang tot ze precies een cassette van een uur vol hadden gespeeld. Job wist precies hoe het moest klinken.

Teleurstelling

Ambitie was nooit een vloek in huize Roggeveen. Vader Jan-Pieter was ontwerper en de liefde voor klassieke muziek was groot. Moeder Louise was lerares op een basisschool en zong in het Philips' Philharmonisch Koor. Daarmee voerde ze jaarlijks de Matthäus-Passion op. Job leerde van haar al snel dat muziek je op vele bijzondere plekken kan brengen. Zo stimuleerde iedereen elkaar en werd er flink op los getekend, gebouwd en gemusiceerd in Geldrop. De lat lag immer hoog en kwaliteit stond altijd voorop als er iets werd gemaakt. Broer Daan werd uiteindelijk architect en zet tegenwoordig imposante gebouwen in China neer. Met ontwerpmaten Joris Oprins en Marieke Blaauw mocht Job Roggeveen in 2015 op een haar na een Oscar in ontvangst nemen voor hun korte animatiefilm A Single Life.
Hij had de twee leren kennen op de Design Academy Eindhoven. Met de keuze voor die opleiding stapte hij in de voetsporen van vader Jan-Pieter. Het had heel anders kunnen lopen als hij op zijn zestiende wel was toegelaten tot het conservatorium dat hem weigerde. Hij had moeite zijn teleurstelling hierover te verwerken en stortte zich op gitaarspelen, hiphop en graffiti. De nieuwe wereld en de vrienden die daarbij hoorden, zorgden voor nieuwe motivatie en creativiteit. Op de Design Academy zocht Roggeveen ook meteen weer de muziek op. Hij knutselde onder schooltijd beats en instrumentals in elkaar. Het was de tijd dat triphop populair was. Joris zat bij hem in de klas en de twee woonden in hetzelfde studentenhuis, Marieke zat in een parallelklas.
In hun studentenhuis, boven een bloemist in het centrum van Eindhoven, werkten de studenten hard. Dat moest ook wel, de academie creëerde een soort competitiedrang onder de leerlingen en de lat lag hoog. Roggeveen hield zich aanvankelijk bezig met grafische vormgeving. Gaandeweg groeide bij Job, Joris en Marieke de liefde voor film en bundelden de drie hun krachten. Ze maakten alles zelf: het verhaal, de set, de graphics, de muziek.

Naald

Bloemkoolwijken in Brabantse dorpen en andere landschapjes fungeerden als decor in hun werk. Ze acteerden ook zelf. Maar omdat ze meer controle over het uiterlijk van hun hoofdpersonen wilden hebben – en buiten op straat filmen erg irritant vonden, werd het pad van de animatie ingeslagen. Inmiddels hebben de drie een eigen animatiestudio – Job, Joris en Marieke –, waarbij iedereen zijn eigen specialiteit maximaal inzet. Op het ogenblik wordt hard gewerkt aan Kop op, een serie voor de VPRO en een vervolg op de gelijknamige film uit 2016, die later een Emmy zou winnen.
Naast het werk voor de studio maakte Job Roggeveen drie albums met Happy Camper, zijn veelkoppige geesteskind dat sinds 2011 actief is. Hij won er meteen een Edison mee. In Happy Camper komt eigenlijk alles samen: de ontwerpstudio, de liefde voor muziek en het reusachtige netwerk van vrienden en muzikanten dat Roggeveen de afgelopen tien jaar bijeen spon. Het levert een eigen wereld op. Wes Anderson bouwt op zijn manier ook zijn eigen wereld. Roggeveen bewondert de Amerikaanse regisseur daarom ook.
Joris en Marieke schreven met Job de tekst voor 'A Single Life'. Of het bijna-awardwinnende filmpje A Single Life nu een clip is bij het nummer dat Pien Feith voor Happy Camper zong of dat het nummer is gemaakt voor een bioscoopfilmpje van Job, Joris en Marieke is voor de kijker nauwelijks te beantwoorden. Het idee voor het filmpje – de naald op een grammofoonplaat slaat over, maar wat als nu ook jouw leven een stuk overslaat? – ontstond al op de studentenkamer boven de bloemenwinkel. Het bleef echter tien jaar lang op een whiteboard staan. De kamer in het filmpje is de oude studentenkamer van Joris waar de drie altijd samen films keken met het bord op schoot. Titels als Stranger Than Paradise, Smoke, Buffalo 66 en Mystery Train, arthousefilms met een sterk verhalende inslag.

Scheiding

Joris en Marieke zijn sinds hun studietijd een stel, nu met kind. Een paar jaar geleden kwam voor Roggeveen, vader van een achtjarige dochter, na veertien jaar een einde aan zijn relatie; het begin van een heftige tijd. Steun vond hij natuurlijk bij Joris en Marieke, maar hij voelde zich ergens toch ook verloren. Hij zocht rust en nieuwe inspiratie in een klooster in Noord-Frankrijk, een soort sprookjesachtige broedplek. Overdag speelde hij veel piano in zijn eentje, 's avonds at hij met de andere kunstenaars. Van eenzaamheid houdt Roggeveen niet.
Later, in 2018, verbleef hij met vrienden op een camping in de Achterhoek. In een schuur stond een piano en Roggeveen kon er niet van afblijven. De piano werd naar buiten gesleept en hij speelde een uur lang voor vrienden en andere campinggasten. Iedereen werd er rustig van en aan het eind van de week ging Roggeveen naar de campingbaas en kocht de piano, omdat deze extreem goed te dempen bleek.
Toen Roggeveen een uur lang voor vrienden en campinggasten speelde, werd iedereen daar rustig van
Hij houdt van zachte muziek, het liefst een cocktail van vrolijkheid en melancholie. Yann Tiersen, schrijver van de bekende filmmuziek van Amélie, is een voorbeeld. Componeren doet Roggeveen overal, vaak op de fiets. Als de melodielijn zich eenmaal in zijn hoofd heeft genesteld, probeert hij met minimale ingrepen een kleine variatie door te voeren. Zo laat hij de melodie soms bijna ongemerkt een beetje opschuiven. Of hij maakt een heel klein sprongetje in de melodie, of verandert – ook weer bijna ongemerkt – van tempo. Maar het gaat om die melodie, dat is zijn sterkste kant, zegt hij zelf.
Hoewel ook de albums van Happy Camper ooit met enkel een piano begonnen, wist Roggeveen dat het dit keer echt helemaal anders moest. Niet de akoestische superband van de eerste twee Happy Campers. En ook niet het elektronische geluid van de derde plaat. De scheiding vroeg om muziek met een heel ander energieniveau. Een album zonder woorden, met meer introspectie. En met meer berusting en louter gedempte piano. File under ‘concentratiemuziek’ of ‘stemmingslijstjes’.